Zoom uit

Wanneer de MDMA-moleculen hun weg vinden en de serotoninereservoirs nog eenmaal doen legen. Nadat de trillende explosie van het witte licht achter de gesloten oogleden een tijd lang woedt voorbij goed en kwaad. Dan open je de ogen tot een utopische cultuur in verval terwijl je over de knallende beats langzaam bewust wordt van het opdoemende geluid van metalen wespen die zich storten op de dansers. Angst, extase verdwijnen in één plateau en je haalt onverschillig je schouders op over dit vreemde moment van militaristische trance. Alles herhaalt zich.

Horror is bij uitstek een filmisch genre, is meer dan welke kunstvorm verweven met angst en de perceptie van geweld. Film bootst van alle kunstvormen het best de beeldenwereld na van onze dromen. Elke angst of terreur die uit ons onderbewustzijn opdoemt kan direct worden gevangen als zij daarvoor de kans krijgt van de regisseur. Waar de literatuur nog de medewerking vereist van onze fantasie, waar het schilderij in onze gedachte van beweging moet worden voorzien, begint de filmcamera langzaam maar zeker over de lichamen te bewegen en slaat dan toe. Het filmdoek fungeert steeds als een spiegel die keer op keer onze identiteit opbouwt uit identificatie met de beelden, een tijdelijk gevoel van eenheid buiten ons zelf, dat ons beschermt tegen de onzekerheid die de macht van het lichaam oplegt.

Dus laat Hitchcock in Psycho (1960) het mes neerslaan terwijl we hulpeloos toekijken, worden de vermoeide helden in Bonnie and Clyde (1967) en The Wild Bunch (1969) aan flarden geschoten, terwijl wij gefascineerd blijven staren. Wanneer het jaar 1970 aanvangt hebben we alles al gezien, kunnen we, zoals Pauline Kael over Bonnie and Clyde opmerkte, al lachen om de schok van geweld, terwijl op hetzelfde moment de grap ten koste van de kijker gaat, want dit geweld is een oncontroleerbare kracht die onschuldigen (de toeschouwers), op een willekeurig moment kan raken. We hebben bloed geproefd en kijken daarna verloren rond, een beetje schuldig maar ook hongerig. Het is The Exorcist (1973) dat met haast wetenschappelijke precisie een einde maakt aan alle hoop. Meer dan een film is dit een laboratorium van angst, waar elk fragment van collectief katholiek zondegevoel, hoe diep verborgen, naar boven wordt gehaald en ongenadig toeslaat omdat men ergens weet dat het waar is dat God dood is en de duivel alleen overblijft als een ijskoude natuurwet in een universum van haat.

pagina -2-vorige  volgende